Huiswerk en gelijke kansen: verzoenbaar of toch niet?

Al wie van dicht of van ver met onderwijs te maken heeft, kent de discussie: hoe zit dat nu met huiswerk? Hebben de kinderen het nodig of is het een overbodige last, die vooral de ongelijkheid tussen leerlingen vergroot? We weten dat ons onderwijs er niet in slaagt de ongelijke start van leerlingen goed te maken. Sommige onderzoekers zijn ervan overtuigd dat huiswerk bijdraagt tot die groeiende ongelijkheid. Zo pleiten professor Stefan Ramaekers en kinderpsychiater Marina Danckaerts in Klasse onomwonden voor het afschaffen van huiswerk omdat het de gelijke ontwikkelingskansen van kinderen in het gedrang brengt en thuis voor onnodige stress zorgt. Niet alle kinderen hebben ouders die kunnen helpen en niet alle kinderen kunnen de opdrachten even snel of makkelijk uitvoeren.

stocksnap_x6077hdeqhIn de praktijk zien we dat scholen sleutelen aan een beter huiswerkbeleid. Voorbeelden zijn: differentiëren per leerling, enkel huiswerk geven voor zaken die leerlingen moeten automatiseren (zoals lezen en tafels leren), beperken van huiswerk in tijd of het volledig inbouwen van oefenen en instuderen in de schooluren.

In de commissie onderwijs vroeg ik aan schepen Decruynaere wat het beleid is in de Gentse stedelijke scholen.

(Letterlijk) Mondelinge vraag over huiswerkbeleid in het stedelijk onderwijs

In de beleidsnota Onderwijs lezen we het volgende: “Het onderwijs moet voor elk kind maximale ontwikkelingskansen nastreven. Hoe geëvalueerd wordt en hoe met huiswerk omgegaan wordt kunnen hierop een invloed hebben. Schoolteams reflecteren over hun huidige huiswerkmethodiek. Permanente evaluatie, portfolio’s en een doordacht huiswerkbeleid vinden hun ingang in het onderwijs, zodat evaluatie en huiswerk geen drempel, maar een opstap naar maximale onderwijskansen betekenen.” De hieraan gekoppelde actie luidt: “De Pedagogische Cel van het IVA onderzoekt het evaluatie- en huiswerkbeleid binnen het stedelijk onderwijs en werkt samen met de schoolteams actieplannen uit.”

De ontwikkeling van een degelijk huiswerkbeleid is niet onbelangrijk: onderzoekers stellen namelijk al langer vragen bij het nut van huiswerk. De Australische onderzoeker Richard Walker stelt dat er geen relatie is tussen veel huiswerk en punten halen op school. Uit zijn onderzoek bleek zelfs dat in landen met veel huiswerk, de schoolresultaten lager zijn. Dichter bij huis pleitten professor Stefan Ramaekers en kinderpsychiater Marina Danckaerts onomwonden voor het afschaffen van huiswerk omdat het de gelijke ontwikkelingskansen van kinderen in het gedrang brengt en thuis voor onnodige stress zorgt. Niet alle kinderen hebben ouders die kunnen helpen en niet alle kinderen kunnen de opdrachten even snel of makkelijk uitvoeren.

Het sleutelen aan een beter huiswerkbeleid is niet nieuw. Veel scholen gaan al lang heel bewust om met huiswerk. Voorbeelden zijn: differentiëren per leerling, enkel huiswerk geven voor zaken die leerlingen moeten automatiseren (zoals lezen en tafels leren), beperken van huiswerk in tijd of het volledig inbouwen van oefenen en instuderen in de schooluren.

  • Wat is het huidige huiswerkbeleid van het stedelijk onderwijs?
  • Wat is uw visie op huiswerk in relatie tot de ontwikkelingskansen van leerlingen?
  • Denkt u dat het een goed idee zou zijn huiswerk af te schaffen of minstens te beperken tot opdrachten die leerlingen zonder de begeleiding van volwassenen kunnen volbrengen?
  • Wat zijn de resultaten van het onderzoek van het huiswerkbeleid door de Pedagogische Cel van het IVA? Werd ook de mening van leerlingen en ouders bevraagd? Zo ja, wat was hun input?
  • Werden er al actieplannen omtrent huiswerkbeleid ontwikkeld? Zo ja, welke acties omvatten deze?

 

(Letterlijk) Antwoord van schepen Elke Decruynaere 

Het stedelijke onderwijs ziet huiswerk als ‘werken voor school buiten de klassieke schooluren aan zinvolle opdrachten, op maat van de leerling en met mate’.

In het stedelijke onderwijs werken we aan de hand van brede actieplannen. Er is geen centraal actieplan rond huiswerk. Huiswerk en het doel ervan worden per school in vraag gesteld.

Scholen krijgen hierbij ondersteuning van de pedagogische begeleidingsdienst. Ze nemen dit op in de trajecten rond differentiëren en evalueren die ze met de scholen opzetten.

De pedagogische begeleidingsdienst baseert zich hierbij op grootschalige landelijk onderzoek. Zelf hebben ze hieromtrent geen eigen onderzoek verricht, dat is niet opportuun gezien het materiaal er al voorhanden is.

U vroeg mijn visie op huiswerk in relatie tot de ontwikkelingskansen van leerlingen.

Er werd heel wat onderzoek verricht rond het nut van huiswerk. We vinden heel wat verschillende visies.

Zelf baseer ik me, samen met de pedagogische begeleidingsdienst, op de internationale onderwijsexpert John Hattie. Hij stelt dat het leereffect van huiswerk reëel, betrouwbaar en voldoende groot kan zijn, afhankelijk van hoe men er mee omgaat. Hij maakte een samenvatting van bijna tweehonderd wetenschappelijke studies over die vraag, goed voor meer dan 100.000 geteste leerlingen.

Maar wanneer we over huiswerk praten, moeten we genuanceerd te werk gaan.

Huiswerk wordt interessanter als je rekening houdt met de leeftijd.

  • De eerste drie jaar van het lager onderwijs is het effect van huiswerk zeer klein.
  • Vanaf het vierde jaar wordt het belangrijk.
  • In het secundair is het effect al dubbel zo groot.

Dat betekent niet dat je zo veel mogelijk huiswerk moet geven. Het positieve effect wordt kleiner met elk bijkomend kwartier.

Onderwijsexpert Harris Cooper suggereert:

  • voor 6-9 jaar: maximaal vier opdrachten per week van een kwartier
  • Voor 9-12 jaar: maximaal 4 opdrachten per week van een halfuur
  • Voor het secundair onderwijs maximaal vijf opdrachten per week, elk één (12-15 jaar) of anderhalf uur (15-18 jaar).

U vraagt me of het een goed idee zou zijn huiswerk af te schaffen of minstens te beperken tot opdrachten die leerlingen zonder de begeleiding van volwassenen kunnen volbrengen?

Huiswerk moet niet afgeschaft worden. Maar huiswerk mag ook niet verplicht worden. Huiswerk moet kunnen. Maar, er moet over nagedacht worden.

Leerkrachten geven gedifferentieerd les, ze moeten dit ook doen met het huiswerk.

Huiswerk mag niet in grote hoeveelheden aangeboden worden en niet in dezelfde mate voor alle leerlingen van alle leeftijden.

Huiswerk is niet:

  • het invullen van invulblaadjes
  • een verlenging van de schooltijd zijn ‘om de leerstof af te krijgen’.

Huiswerk moet een uitdagende opdracht zijn waar leerlingen zich ‘met goesting’ achter zetten. Vandaag kijken we naar huiswerk als een mogelijkheid tot het betrekken van ouders en kinderen bij hun leerproces. Het gaat dus over meer dan enkel oefeningen maken. Huiswerk zou plezant én educatief moeten kunnen zijn.

Ouderbetrokkenheid is hierbij belangrijk. Er moet een goede communicatie zijn tussen de ouders en de leerkrachten. En er moet zeker extra aandacht en zorg gaan naar leerlingen uit kwetsbare groepen die niet vanzelfsprekend op ondersteunende ouders kunnen rekenen.

De stedelijke scholen kunnen hiervoor rekenen op de pedagogische begeleidingsdienst. Die hen hierin ondersteunt en aanmoedigt.

Conclusie: huiswerk kan, maar met een gedifferentieerde bril op onze neus.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.